Drieks domein (uit HetWerk72, literair kladschrift van Meurs A.M)

Drieks Domein (opnieuw opgenomen bij De Patersfabriek Twee)

1964 De Dagbespreking
(uit HetWerk66, 6 januari 2016, nooduitgave van 4 blz., werd gevolgd door HetWerk66A, normale uitgave)

Als om 8 uur ’s morgens de dagbespreking begon waren sommigen van de zo’n 50 leden tellende familie van Driek al uren in touw, de eersten, met name de melkers, vanaf 5 uur. De schoonmakers en dierenverzorgers begonnen om 6 uur. De enkele koeien, varkens, geiten , kippen en konijnen waren voornamelijk voor eigen gebruik, al was een uitzondering voor de verkoop altijd mogelijk. Echt gehandeld werd er in paarden, zowel renpaarden als trekpaarden, en ook in paardenvlees. De slachterij was aan huis. De duiven deden wekelijks mee aan wedstrijden. De duiven die niet voldeden werden opgegeten. Eigenlijk stond iedereen vroeg op. Ook zij die tot 1 uur het café hadden opengehouden zaten, net als degenen die die morgen al gewerkt hadden, fris gewassen bij de ochtendbesprekeng. De bespreking duurde maximaal een half uur en gedurende die tijd lagen alle activiteiten stil en de bezoekers die dat niet wisten staarden in het voorzaaltje naar het plakkaat waarop stond dat vanaf 8.30u alle activiteiten werden hervat, waaraan was toegevoegd: Wij rekenen op uw begrip.  Laten we eerst vertellen dat voor publiek het gebouw open was  vanaf 7 uur. Dat kon net zo goed voor een medisch consult zijn van een man of vrouw die heel de nacht buik- of kiespijn had gehad als bij wijze van noodhulp aan een jongen die de hele nacht maar aan één ding had kunnen denken.  Voor half acht ging hij weer opgelucht huiswaarts en kon misschien thuis nog een dutje doen voor hij naar zijn werk of school moest.  Ook de andere ochtendspoedgevallen waren meestal voor 8 uur opgelost. Het maken van een afspraak, meestal door even langs te komen, of telefonisch, werd gestimuleerd.

Om 8 uur werden zowel de roulatie en situatie van de vaste werkzaamheden doorgenomen als de afspraken. Bij de laatste vervulde receptie de hoofdrol.  Tijdens de bespreking werd tevens ontbeten.  Er zaten zo’n 30 volwassenen van alle leeftijden in het zaaltje, een tiental pubers en  eveneens  een tiental kinderen onder de 10.

De laatsten zaten in een hoek apart, dichtbij de tieners die voor ze verantwoordelijk waren.

Om half negen begon het reguliere spreekuur en tevens de afhandeling van de afspraken, terwijl ook  nieuwe afspraken gemaakt konden worden. De receptie moest vaststellen, als dat nog niet was gebeurd, wie het best bij wie terecht kon. Er was veelzijdige expertise in huis. De meeste van de kinderen van Dries hadden tenminste een paar jaar gestudeerd, wat op zichzelf al bijzonder was gezien het milieu waaruit ze kwamen en de tijd, de laatste jaren van een zeer langdurige oorlogstijd, waarin dit plaatsvond. Ondertussen was er alweer een nieuwe generatie, hun kinderen, aan het studeren, en nu viel dit samen met een algemene toename van studenten aan de universiteiten en hogescholen uit gezinnen met laag opgeleide ouders. De nakomelingen van Driek, en hun partners of echtgenoten (officiële huwelijken waren een uitzondering) hadden opleidingen genoten als medicijnen, psychologie, psychiatrie, pedagogie en onderwijs, maatschappelijk werk, geschiedenis, bouw en constructie, diergeneeskunde, letterkunde en kunsthistorie, tandheelkunde en communicatie. Ze hadden (en dat vooral later) aanvullende cursussen gevolgd om het vele praktische werk te ondersteunen, zodat de groep die alleen maar lichamelijke arbeid verrichtte zo klein mogelijk was. Al was er juist weer daarbinnen een groep die daaraan, al dan niet tijdelijk, ondanks hun hoge opleiding, de voorkeur gaf, en de kennis voortkomend uit hun studie uitsluitend gebruikte voor een bijdrage tijdens de dagbespreking of wanneer ze informeel om advies gevraagd werd.  Driek had er vanaf het begin aan gehecht dat de waardering voor geestelijke en lichamelijke arbeid even hoog was en dat gold ook voor geschoolde en ongeschoolde arbeid of voor arbeid waarvoor wel of geen oefening vereist was. Iedereen werkte hard maar met arbeidsethos werd goedmoedig de spot gedreven.

Werk was geen doel op zich maar gewoon een van de manieren om door het leven gaan.

Hoewel Driek zich er, net als zijn vader destijds al, op voor liet staan dat je bij hem voor alles terechtkon – je kon alles bestellen – was het logisch dat automatisch de nadruk kwam te liggen op zaken waarvoor je elders moeilijk terechtkon. Driek had altijd gepleit voor een nuchtere, praktische en sociale moraal, niet gedreven door godsdienst, bijgeloof, ideologie, politiek of winstbejag.

Het was logisch dat – hoewel Driek er niet luidruchtig mee adverteerde, juist om de discussie  niet te verhitten – onderwerpen als seksualiteit, inclusief voorbehoedmiddelen en seksuele dienstverlening, abortus, euthanasie en stervensbegeleiding in het algemeen en crematie, de meeste mensen trokken. In de scociaalpsychische gesprekken speelden geloof en godsdienst nog een grote rol. Er bestonden nog maar enkele crematoria en Dries en zijn mensen maakten de afspraak en de reis ernaar mogelijk.

Vanaf de kansel in de katholieke kerk werden wel toespelingen gemaakt over hovaardige mensen die meenden reeds op deze aarde hun eigen koninkrijk te kunnen stichten waarin de mens en niet God over de daden der mensen oordeelde. Na zo’n preek vond er wel eens bij de kiosk voor het café van Driek een anti-abortus- of anti-euthanasiedemonstratie plaats. Maar de mensen werden rustig in een van de zalen uitgenodigd voor een discussie, kregen een drankje aangeboden, en verlieten het café weer vele uren later met achterlating van hun borden, beschaamd als ze waren er in hun eentje mee over straat te gaan. Ach, en Driek was er zich van bewust dat het heus nog wel eens opnieuw zou gebeuren.

________________________________________

HetWerk72 bestellen
bij Boekwinkeltje Wonderland, zie daar ook overige publicaties